Sophia las een advertentie waarin een onderwijzeres gezocht werd. De advertentie stond vol met taalfouten, maar een kniesoor die daar op let. Zij moest hiervoor afreizen naar een dorp ergens achter in de Oekraďne, maar dat had zij zeker over voor haar eerste echte baan als onderwijzeres.
Dokter Zubritsky had de advertentie geplaatst omdat hij een onderwijzeres zocht voor zijn zoon. Een haast onmogelijke klus, zoals al snel blijkt. De zoon is negentien jaar en pas net heeft hij leren zitten. Hij weet niet eens het verschil tussen een koe en een eend; niet dat dát nou zo'n makkelijk onderwerp is!
Al snel komt Sofia tot de ontdekking dat er een vloek op het dorp rust. Zou dit verklaren waarom iedereen in het dorp nauwelijks intelligenter is dan het achtereind van een varken? Mede door haar gevoelens voor de zoon van de dokter is Sofia vastberaden deze vloek te verbreken. Maar ze moet snel zijn, want na vierentwintig uur in het dorp zal ze al net zo dwaas worden als de overige dorpelingen.